Daar zit ik dan… inspiratieloos… Mijn állerlaatste blog voor Kiind.nl en ik weet niet waar ik het over moet hebben. Nu is dat natuurlijk al een uitdaging op zich, en misschien ook best leuk voor een keer, een blog schrijven over niets.
Maar dan moet je je afvragen wie dat leest, zo’n nietszeggende blog. En, heb ik überhaupt tijd om hem te schrijven? Want het is natuurlijk niet voor niets dat ik véél te laat deze blog schrijf en inlever. Met het organiseren van een grote rampenoefening op mijn werk, een webwinkel die schreeuwt om een aanvulling van de voorraad, een kindje dat ziek was en een heleboel andere dingen die mijn aandacht vroegen, was het schrijven van dit afscheidsblog er gewoon bij ingeschoten.
Daarom besluit ik bij deze om dit verhaal kort te houden.
Maar ik wil wel graag een dankwoord uiten: voor de mensen van Kiind Magazine, dat ik drie maanden lang mijn verhalen via hun online magazine mocht delen met de wereld. En voor de mensen die mijn verhalen hebben gelezen en voor alle leuke en lieve reacties die ik erop heb gekregen.
Bedankt!
Het is geen groot geheim. Sterker nog: ik heb het en plein public, voor vriend en vijand op nationale TV verkondigd. Huishouden is niet mijn favoriete bezigheid. Ik kan wel iets leukers bedenken!
Maar soms, héél soms (gemiddeld één keer per maand) dan begint er iets te kriebelen. Dan kijk ik om me heen en denk: “Mijn hemel, wat is het hier een ongelooflijke puinhoop! Daar gaan we eens even iets aan doen!” Op die momenten doe ik mezelf meestal versteld staan door mijn huishoudelijke adequaatheid en tomeloze energie. Was wordt gesorteerd, gewassen, meteen opgehangen en du moment dat het droog is ook direct weggewerkt. De vaatwasser wordt uit- en ook weer ingeruimd, oud papier gaat naar de container, lege flessen worden ingeleverd, speelgoed wordt direct na het spelen opgeruimd, er gaat een doek over de deuren en spiegels en de WC en badkamer krijgen een flinke schrobbeurt.
Nog zeldzamer zijn die momenten waarop ik helemaal doorsla: wat als een onschuldige, maar broodnodige opruim- en schoonmaakactie begint, kan dan zomaar doorslaan in een grote schoonmaak van heb ik jou daar met een vleugje obsessieve dwangmatigheid. Het schoonmaken van de keukenoppervlakken is dan niet genoeg, nee dan moeten alle kasten leeg, de kookboeken van de kast en alle bestek uit de lade. De voegen in de badkamer worden met een een chloor gedrenkte oude tandenborstel geschrobt, plinten worden gesopt, alle meubels worden naar voren getrokken om daarachter te zuigen en het hele huis wordt gedweild. Als ik dan toch bezig ben doen we ook meteen de ramen, mest ik de sokkenlades, ondergoedlades en kledingkasten uit en breng ik een hele lading rommel naar de kringloopwinkel of vuilstort.
Als manlief thuis komt treft hij zijn vrouw aan met plukken stof in haar haar, in een wolk van allesreiniger en chloor. Hoewel dat niet het meest aantrekkelijke gezicht is, kan hij dit soort momenten gek genoeg toch erg waarderen.
Meestal is het na zo’n schoonmaakaanval weer even gedaan met mijn zin en energie voor het huishouden. En dan is het maar wachten op de volgende huishoudelijke bui. In ieder geval houd ik de kast met schoonmaakmiddelen en -materialen goed bevoorraad. Je weet maar nooit wanneer je weer wordt overvallen door de witte tornado!
Het thema van de maand november op Kiind is “Duurzaam & Goedkoop” en kijkend naar de artikelen probeer ik die te spiegelen aan mijn eigen leven. Het eerste artikel gaat over consuminderen. En hoewel het artikel echt goed geschreven is en ik de argumenten heel steekhoudend vind kan ik niet zeggen dat ik op alle gebieden overeenkomsten kan vinden met mijn eigen leven. Consuminderen op het gebied van techniek en apparatuur lijkt bijvoorbeeld niet echt 'ons ding' te zijn. Stiekem zijn manlief en ik ontzettend gek op technische snufjes en gadgets. Zo is mijn lief sinds kort de dolgelukkige eigenaar van een iPad, hebben we allebei een iPhone, staan er bij ons in huis drie TV´s (waarvan er twee aangesloten zijn, en er één te koop staat voor een weggeefprijsje), twee DVD-spelers, een PC, een laptop, een all-in-one printer, een fotoprintertje, verschillende overbodige keukenapparaten (waarvan de automatische melkopschuimer mijn persoonlijke favoriet is) en nog héél veel meer.?Nu kan consuminderen natuurlijk op heel veel vlakken, en hoewel ik dacht dat ik in ieder geval op andere gebieden (zoals bijvoorbeeld milieubewust leven) best een goede consuminderaar ben blijkt ook daar nog veel ruimte voor verbetering te zijn. Ik doe alle gebruikelijke dingen: afval scheiden, lichten uit in als ik een ruimte uit ga, kachel uit als ik er niet ben, de kraan uit tijdens het tanden poetsen, wasmachine alleen draaien als hij (te) vol zit, kort douchen, kliekjes in de vriezer die we eens in de zoveel tijd leeg eten, etc. etc. etc. Daarnaast heb ik ook een jaar borstvoeding gegeven EN hebben we wasbare luiers. Die borstvoeding was, behalve goed en fijn, ook een enorme besparing van pakken kunstvoeding en flesjes, en wat betreft die luiers zeg ik bewust hébben in plaats van gebruiken, omdat het daadwerkelijk gebruiken van de luiers er in de praktijk nogal eens bij inschiet. Maar als we niet achterlopen met de was, en we denken eraan voordat we gedachtenloos naar de wegwerpluiers grijpen gaat Fenna met een katoenen luier aan haar bips door het leven.
Een beetje consuminderen is ons dus niet vreemd. In het artikel lees ik echter onder andere over dingen als wasbare billendoekjes, koelkast uit in de wintermaanden en spullen buiten bewaren, water drinken in plaats van sap en frisdrank en minder of geen luxe voedingsmiddelen meer kopen. Heel eerlijk gezegd word ik er een beetje verdrietig van… het klinkt zo, zo, ik weet niet... Karig, back to basic, ongezellig? Het juiste woord kan ik niet vinden maar ik kan mezelf er op de een of andere manier niet helemaal in vinden.
Ik moet dus concluderen dat, mijn inspanningen ten spijt, consuminderen niet een van mijn sterkste kanten is. Tja… je kunt niet alles hebben…
Het is woensdagochtend. Ik moet naar mijn werk. Roy is vrij en zowel hij als Fenna slapen nog.
Als ik gedoucht en aangekleed naar beneden sluip hoor ik de eerste geluidjes uit de kinderkamer komen. Ik zet een kop koffie en smeer een boterham en luister door de babyfoon naar een wakker wordend meisje dat gezellig begint kletsen.
Wat zou ze zeggen? Wat zou ze te vertellen hebben? Waar denkt ze aan?
Een half uur later kletst Fenna nog steeds zachtjes tegen haar donkere kamer en ik sluip terug naar boven om nog snel even mijn bril te halen voordat ik de deur uit ga. Roy is inmiddels ook wakker geworden en Fenna’s geklets gaat langzaam over in roepen. Blijkbaar vindt zij het ook tijd om op te staan.
Ik blij, want dat betekent dat ik nog even met mijn kleine meisje kan knuffelen voordat ik weg ga.
Hoewel ik mijn jas al aan heb en ik eigenlijk al aan de late kant ben, piep ik toch even de kinderkamer in.
Met een vrolijk “Heeeeeejjjjjjjjjjj”, word ik door Fenna begroet. Ze zit rechtop in bed, schenkt me een grote glimlach en steekt haar armpjes naar me uit. Ik til haar op en geef haar een dikke knuffel. Samen doen we de lampjes bij haar bed aan, kijken naar de bloemen op het behang en ik geniet intens van het onverwachte mama-dochter-moment.
Nog even nagenietend zit ik een kwartiertje later in de bus naar mijn werk.
Zucht… ik ben blij dat ik werk en blij met mijn baan. Maar er zijn van die dagen dat ik liever thuis zou blijven.
Als je kindje wordt geboren vind je hem of haar natuurlijk het allermooiste en allerliefste kindje van de hele wereld. Er zijn momenten geweest dat ik in staat was om wildvreemde mensen op straat aan te schieten en te roepen: “KIJK DAN!!!! Ze is zo mooi!” Maar meestal hield ik me stil en liep stilletjes te zwijmelen achter de wagen, of breed lachend met haar te pronken in een draagdoek op mijn buik.
Mooi is ze écht, met haar blonde krullen en grote blauwe ogen… Grappig is ze ook: zo jong als ze is, ze kan zich nu al uitsloven en de clown uithangen.?Waar ze echter niet in uitblinkt is ontwikkelingssnelheid. En het is juist zo leuk om lekker op te kunnen scheppen over wat je kindje “al” allemaal kan. Stiekem hoop je natuurlijk dat je baby sneller is dan andere kinderen en zijn of haar leeftijd ver vooruit is wat betreft (motorische) ontwikkeling. Maar onze Fenna trekt zich daar niets van aan, die doet alles op haar eigen tempo.
Als hele kleine baby was ze al niet zo goed in op haar buik liggen. Ze had er in ieder geval een enorme hekel aan. Binnen de kortste keren gingen haar armen wijd en lag ze gefrustreerd te worstelen met de vloer. Toen ze ongeveer vijf maanden was rolde ze voor het eerst van haar buik naar haar rug, maar alleen als ze op de juiste ondergrond lag. Rollen van rug naar buik was een heel ander verhaal… dat deed ze voor het eerst toen ze achteneenhalve maand was. Met ongeveer negen maanden bleef ze redelijk stevig zitten als we haar neerzette maar zelf gaan zitten deed ze pas na haar eerste verjaardag.?Tijgeren deed ze achteruit met een maand of tien en met elf maanden wist ze zich ook op haar buik vooruit te bewegen.?Nu is ze dertien maanden en tijgert op topsnelheid door het huis. Kruipen doet ze niet. Heel af en toe weet ze zich op te trekken tot haar knieën, verder dan dat is ze nog niet gekomen.?Lange tijd trok ze haar benen in als je haar op haar voeten wilde zetten, luchtzitten noemt men dat. Het is pas sinds kort dat ze echt staat als je haar neerzet. Ze moet zich vasthouden en staat als Bambi op het ijs, maar tóch. En om het allemaal compleet te maken heeft ze pas twee tanden!
Op 5 november hebben we een afspraak op het consultatiebureau. Daar zullen ze vast een mening over haar motorische ontwikkeling hebben en misschien zelfs wel gaan roepen dat het té langzaam gaat.?Maar weet je? Het maakt me niet uit!?Het gaat misschien niet snel, maar ik zie dat ze elke dag iets bijleert. Kleine dingen, voor een ander misschien onzichtbaar, maar voor ons zo duidelijk.
Op een babyforum waar ik veel te vinden ben praat ik met moeders van kindjes van Fenna’s leeftijd. Dat maakte me eerst onzeker want veel van die kindjes gaan zoveel sneller dan zij. Maar tegenwoordig heb ik van die onzekerheid geen last meer.?Fenna is Fenna, een heerlijk rustig en tevreden meiske dat zich in haar eigen tempo ontwikkelt. Ze kan een uur lang gefascineerd met hetzelfde speelgoed spelen, vermaakt zich nog prima in de box en tijgert niet in zeven sloten tegelijk.?Het is hier in huis heerlijk rustig, haar bedje is pas een paar weken omlaag naar de laagste stand, ik hoef niet de hele dag "NEE" te roepen en me geen zorgen te maken dat Fenna zich pijn doet of dat ze dingen stuk maakt. Zij maakt het ons eigenlijk gewoon heel erg makkelijk. En daar schep ik graag even over op!
In mijn vorige blog beloofde ik te vertellen hoe onze vakantie was geweest. Nu heb ik een vakantieverslag geschreven van maar liefst vier pagina's, maar voor Kiind zal ik proberen om er een kort en krachtig verhaal van te maken. Kernwoorden van deze vakantie: ontspannen, gezellig, goed gezelschap, lekker eten, mooi weer, prachtige omgeving!
De heenweg was een drama door een verkeerde planning. Aangezien het de eerste keer was dat we zo´n lange reis maakten met een dreumes hebben we de gok genomen om midden in de nacht te vertrekken. Dat was dus een slechte beslissing, aangezien Fenna niet meer wilde slapen toen we eenmaal onderweg waren. We hebben er veertien uur over gedaan doordat we zo vaak moesten stoppen en Fenna heeft heel veel gehuild. Ik had zo met haar te doen!?Eenmaal op onze bestemming aangekomen was het goed. Ze heeft meteen goed geslapen in ons meegebrachte bedje, met een gedragen T-shirt van mama onder haar hoofd. We hebben echt met volle teugen genoten van de schitterende omgeving. De bossen van Huelgoat zijn met geen pen te beschrijven en ik had er nog veel meer tijd willen doorbrengen. Enorme rotsen die uit de grond zijn gedrukt, grotten tot twintig meter onder de grond, het meer, de oude watermolen en alles zo groen. Prachtig!
Ook het huis van onze gastheren is echt een plaatje. Van vervallen woning met een onhandige indeling hebben ze het helemaal zelf omgetoverd tot een prachtig paleis. Zo sfeervol, zo gezellig en zo huiselijk dat je je er meteen thuis voelt.?Volgend jaar gaan ze een kamer verhuren als Chambre d’hôtes en ik kan het iedereen aanraden. Als het goed is, is dan ook de Brocante (winkel) klaar, dus neem je aanhangwagen mee.
De terugreis moest hoe dan ook anders dan de heenreis. Vooral voor Fenna maar ook voor onszelf, want de sfeer wordt er ook niet beter op met een huilend kind in de auto. Gelukkig ging het als een trein doordat we de hele nacht hebben doorgereden. We zijn vertrokken aan het begin van de avond, op het tijdstip dat Fenna normaliter naar bed gaat. Onderweg zijn we alleen gestopt voor een snelle plaatswissel, sanitaire stop of tankbeurt. Fenna heeft van de tien uur durende reis acht uur geslapen en sliep thuis in haar bed nog drie uur door. Een dag na thuiskomst merkten we dat haar tweede tand door was. Dat verklaart waarschijnlijk die twee spuitluiers en de momenten dat ze wat jengeliger was. Maar ze heeft zich voorbeeldig gedragen, ons moppie! De vakantie was dan misschien kort, maar we zijn weer helemaal opgeladen.
Weet je nog? Vakantievoorpret… Dagen, weken van te voren wist je al precies wat je zou gaan doen, wat je zou meenemen, wat voor weer het was en welke plaatsen je wilde zien. Ik maakte allemaal lijstjes (ja, weer die lijstjes): Wat ging er in mijn koffer, wat ging er in mijn handbagage, wat ging er in mijn toilettas. Heerlijk vond ik die voorbereidingen.
De laatste jaren kwam ik vanwege werk en andere drukte meestal niet meer aan lijstjes toe en ging ik voor mijn gevoel helemaal onvoorbereid op vakantie. Maar nu we een kind hebben moet ik weer terugvallen op mijn oude vertrouwde lijstjes. Want wat een enorme hoeveelheid spullen moet je meezeulen als je met een kind op vakantie gaat! En ineens is het ook nog veel belangrijker dat je niets vergeet.
Onze eerste vakantie met Fenna was een korte reis naar Duitsland toen ze bijna vier maanden was. Een autorit van vijf uur, in de auto van mijn vader waarin naast onze spullen ook alle bagage van mijn ouders, broer, schoonzus en twee nichtjes zaten. Zij reisden namelijk met de trein die dag. De auto was, inclusief skikoffer op het dak, he-le-maal vol. Er kon werkelijk niets meer bij en het scheelde niet veel of we hadden het autostoeltje met Fenna daarin op de trekhaak moeten binden. Maar het paste, net aan. Er was zelfs nog een plekje voor Fenna op de achterbank. Ze was voorbeeldig en heeft bijna de hele weg geslapen.
Onze tweede vakantie was een vliegreis naar Portugal afgelopen voorjaar. Dan kun je sowieso niet zoveel meenemen maar veel dingen waren in het appartement aanwezig dus dat was geen probleem.
En nu? Nu maken we ons op voor een midweekje Bretagne. We gaan op bezoek bij twee kinderloze vrienden, dus moeten we alles zelf meenemen. Bovendien een lange autorit van meer dan tien uur en is Fenna tien maanden ouder dan de vorige keer, dus moeten we ook nog zien of de reis soepel gaat verlopen. Best spannend allemaal, al zeg ik het zelf.
Ik ben maar weer aan verschillende lijstjes begonnen: Wat gaat er in de koffer? Welke toilet/apotheekartikelen moeten er mee? Wat nemen we mee om Fenna onderweg te vermaken?
De verzameling tot nu toe, in willekeurige volgorde: Campingbedje, beddengoed, knuffel, speen, pyjama, slaapzak, kinderstoel, kinderbestek, flessen, tuitbekers, slabbetjes, melkpoeder, pap, wat potjes eten voor nood, handdoeken, hydrofieldoeken, luiers, douchegel, shampoo, bodylotion, zachte crème, thermometer, paracetamolzetpillen, kleertjes, rompers, sokken, maillots, jas, vest, draagdoek, ringsling, babydrager, buggy, speelgoed, voorleesboeken, kinderliedjes CD, DVD’s, DVD-speler, speenkoord, speendoekje, mutsje, sloffen…
Ik weet het even niet meer… ben ik nog iets vergeten? Vast wel! En dat zijn dan alleen nog maar Fenna’s spullen. Maar het komt vast goed, we hebben er zin in! In mijn volgende blog hoor je hoe de vakantie is geweest.
Zo, even een momentje voor mezelf.?Fenna was de hele ochtend niet in haar hum, ze wilde helemaal NIETS. De oplettende Twitteraar heeft zelfs een noodtweet aan mijn man voorbij zien komen vanmorgen. Of ik vandaag niet even zijn werk kon doen zodat hij thuis kon zijn bij zijn dochter.?Er zal vast iets met haar aan de hand zijn, maar omdat ze pas 12 maanden is kan zowel zij als ik niet de vinger op het probleem leggen. Ik gok op tandjes, wat ik eigenlijk ook hoop omdat een bijna 13 maanden oude dreumes met nog maar één miniscuul puntje tand een beetje belachelijk begint te worden. Het zou ook frustratie van ik-wil-zoveel-maar-kan-nog-zo-weinig kunnen zijn, of gewoon een baaldag.
Maar ik zag er maar mooi mee! Ze wilde niet drinken, ze wilde niet op schoot, ze wilde niet getroost worden, ze wilde niet op de arm gedragen worden. Het enige wat ze wel wilde was eten. Een bord pap, twee hele kiwi’s en twee boterhammen met kipfilet had ze achter haar kiezen voordat ik met haar naar boven ging om haar in bed te leggen. En daar klokte ze ook nog een fles van 250 cc naar binnen. ?Comfort eating… komt dat al voor op deze leeftijd?
In ieder geval ben ik blij dat ze even lekker slaapt want ik wist het echt even niet meer!?Toevallig las ik een soortgelijk verhaal laatst ook bij een Twitter-kennis van me. Ook zij wist soms niet meer wat ze met haar dochtertje aan moest. Nu mag ik bij Fenna absoluut niet klagen want dat is 99% van de tijd het makkelijkste meisje dat ik ken. Maar sóms…
Een van de dingen waar ik als nieuwbakken moeder vorig jaar het meest van ben geschrokken is de impact die een kind op je kan hebben. In goede zin maar ook soms in negatieve zin. Wat schrok ik van mezelf als ik merkte dat ik echt boos was op het hulpeloze kleine wezentje dat maar niet wilde stoppen met krijsen. De frustratie die ik voelde als dat drie kilo wegende wurmpje zich met de kracht van een sumoworstelaar met gebalde vuistjes tegen me afzette. Huilend heb ik tegen mijn man en moeder geroepen dat Fenna een hekel aan me had en dat ik het soms helemaal niet leuk vond om moeder te zijn.
Dat had nooit iemand me verteld! Hoewel… misschien hadden ze wel eens iets gezegd over dat het zwaar, vermoeiend, en frustrerend was soms. Maar dan dacht ik altijd: “Ja, voor jou misschien, maar voor mij toch zeker niet?!” MIS! Al die dingen bleken ook voor mij te gelden.?Natuurlijk veranderde dat, en het overweldigende gevoel van liefde waar ik in de eerste weken soms nog naar moest zoeken nam alles over. Toch blijven er van die momenten dat je het gewoon even niet meer weet. En vandaag zal vast niet de laatste van die dagen zijn.
Nu Fenna slaapt ben ik zelf ook eigenlijk wel aan een dutje toe. En toch doe ik dat maar zelden want er is nog zoveel te doen. Het huishouden, mijn webwinkel, Twitter, e-mails lezen en beantwoorden, blogs schrijven en bedenken wat ik allemaal mee moet nemen op vakantie volgende week. Maar dat is weer een andere blog.
Mensen die mij niet heel goed kennen hebben vaak de indruk dat ik het allemaal voor elkaar heb. Een baan, een webwinkel, een gezin, een leuke vriendenkring en een rijk sociaal leven. Het lijkt alsof ik dat allemaal maar even doe. Alsof ik de perfecte balans heb gevonden en moeiteloos switch tussen alle dingen die ik net noemde.Ze moesten eens weten…
Want onder dat (hele dunne) laagje georganiseerdheid gaat een rasechte chaoot schuil. Chaos is mijn tweede naam. En dan bedoel ik Chaos met een hoofdletter C.Ik kan me geen twee minuten concentreren, ben altijd met –tig dingen tegelijk bezig en vergeet daardoor constant wat ik ook alweer aan het doen was. Mijn moeder zei vroeger altijd: “Als jouw hoofd niet vast zat vergat je die ook nog eens!” En hoe vervelend het ook is om het toe te geven: Ze had (alweer) gelijk!
Bijvoorbeeld: momenteel ben ik op mijn werk heel druk bezig met de voorbereidingen voor een examen wat ik aanstaande maandag moet afleggen. Dat vergt nu al mijn tijd en inspanning. Dus dingen die er tussen komen ervaar ik als zeer hinderlijk en die zet ik op mijn To Do lijst. Lijstjes zijn sowieso mijn rots in de branding, zonder een lijstje ben ik nergens. Want als ik iets niet op mijn lijstje zet dan ga ik het hoogstwaarschijnlijk vergeten.?Een To Do lijstje dus… Dat klinkt erg georganiseerd. Maar in mijn geval is niets minder waar. Ik presteer het namelijk om de haverklap om mijn To Do lijst kwijt te raken. Als ik geluk heb vind ik het terug in de grote stapel papieren op mijn bureau. Vaker echter moet ik een nieuw lijstje beginnen, met als gevolg dat ik minimaal een van de acties op mijn lijst alsnog vergeet.
Thuis gaat het niet veel anders: ik begin met het opruimen van de keuken maar hoor Fenna huilen en loop naar boven om haar een kus en een knuffel te geven. Boven zie ik dat mijn schoenen midden op de overloop staan. Dat is niet handig, dus die zet ik even in de kast. Voor de kast ligt een badjas op de grond, die ik even in de badkamer hang, waar ik zie dat de badspullen van Fenna nog niet opgeruimd zijn. Terwijl ik de badkamer begin op te ruimen zie ik dat de wasmand vol is en besluit direct een was te draaien. Met een volle wasmand op zolder aangekomen kom ik er tot mijn grote schrik achter dat daar nóg twee volle wasmanden staan met daarin toch wel zeker zo’n vier wassen. Waar komen die vandaan? Ook blijkt er nog was in de wasdroger te zitten en ik kan me met geen mogelijkheid herinneren door wie en wanneer dat erin gestopt is.Met mijn armen vol schone was loop ik naar het logeerbed op zolder met de intentie om dat direct op te vouwen. Maar in de logeerkamer, waar ook mijn naaihoek is, zie ik dat er nog een half afgemaakt naaiwerkje onder de naaimachine ligt.En zo eindig ik achter de naaimachine, terwijl in de keuken een sopje staat af te koelen, de vaatwasser half ingeruimd is en de poes beteuterd naar zijn voerbakje staat te kijken.
Chaos… the story of my life. Maar niet verder vertellen hoor!
Sinds ik moeder ben heb ik gemerkt dat er een aantal onderwerpen met betrekking tot opvoeding is waarover altijd strijd zal blijven bestaan.
Het eerste dat bij mij (en bij vele anderen waarschijnlijk ook) opkomt is borstvoeding versus flesvoeding. Op verschillende fora heb ik daar al meerdere verhitte discussies over voorbij zien komen. Maar dan ook echt hele nare woorden en verwensingen, van beide kanten. Dingen die ik hier niet ga herhalen omdat ik, hóe ik het ook opschrijf, het gevoel heb dat ik daar mensen mee kan kwetsen.
Het volgende onderwerp is thuisblijfmoeder versus werkende moeder zijn. Ook over dat onderwerp gaat het er niet zacht aan toe: werkende moeders zijn ontaard, thuisblijvende moeders onthouden hun kinderen van sociale contacten en –leerprocessen.
Ook zo’n leuke: oppasopa’s en -oma’s versus kinderdagverblijf. Kinderdagverblijven zouden vies en onveilig zijn, en opa’s en oma’s zouden de kinderen juist weer teveel verwennen en ze klein houden terwijl ze zelfstandig moeten worden.
Of deze: bijvoeden volgens de Rapley-methode (stukjes eten en zelf doen) versus de conventionele puree- en prakjes-manier. Rapley zou levensgevaarlijk zijn, je kind kan stikken, onverantwoordelijk, etc. Maar de prakjes-methode zou weer onnodig zijn, moeilijkere eters opleveren en bovendien het kind veel eetplezier ontnemen.
Bijvoeden voordat een kindje zes maanden oud is: ook een garantie voor een flinke discussie. Onnodig en slecht voor de darmen, vindt de ene groep. Terwijl iemand anders vindt dat zijn kindje met vijf maanden wel toe is aan een stukje fruit.
Zo kan ik nog wel even doorgaan: borstvoeden in het openbaar, samen slapen of kindje naar de eigen kamer, draagdoek vs. kinderwagen, speen vs. duimzuigen, voeden op schema vs. voeden op verzoek, verwennen vs. troosten, oude moeders vs. jonge moeders, wasbare luiers vs. wegwerpluiers, thuis bevallen vs. in het ziekenhuis, etc. etc. etc. Allemaal onderwerpen waar op de een of andere manier niet op normale toon over gediscussieerd kan worden.
Als ik heel eerlijk ben heb ik er zelf ook wel eens aan meegedaan. Ook wij hebben onze weg gevonden in opvoedingsland en ik wilde maar al te graag laten weten hoe en waarom wij het op een bepaalde manier aanpakten. Maar ik doe het niet meer! Ik heb namelijk een belangrijke les geleerd: we doen het allemaal goed!
We hebben allemaal het beste met onze kinderen voor en doen allemaal wat in onze ogen het beste is voor onze gezinnen. Niemand (die ik ken) zal moedwillig proberen zijn kind pijn te doen of verkeerd op te voeden. Dus wie ben ik om te proberen een ander van mijn gelijk te overtuigen? Die ander zal het immers niet eens zijn met mijn manieren en op die manier ontstaan discussies die nergens toe leiden.
Ik zou dus willen zeggen: laat een ander in zijn waarde. Respecteer dat niet iedereen dezelfde ideeën heeft over opvoeden.
Een veilige en liefdevolle omgeving is wat een kind nodig heeft; de invulling daarvan mag iedereen wat mij betreft zelf bepalen!
Tijdens je zwangerschap kun je het zinnetje “Geniet er maar van, het is gaat zó snel voorbij” op een gegeven moment niet meer horen.
“Ja, ja” denk je bij je zelf. “Het duurt negen maanden hoor, en dat zijn gewoon negen maanden, hoe je het ook wendt of keert.”
Na die negen maanden beval je, en een prachtige zoon of dochter is de beloning van 9 maanden verwachting. Een klein stemmetje in je achterhoofd zegt je dat die negen maanden inderdaad omgevlogen zijn, maar je bent te druk met je pasgeboren wonder om daar lang bij stil te staan.
Dan komt het kraambezoek en als je een euro kreeg voor iedere keer dat iemand tegen je zegt: “Geniet er maar van! Dat echte kleine baby-achtige is er zó snel van af” zou je alleen al in het kraambed een klein vermogen verdienen.
Je verwenst bij tijd en wijle de gebroken nachten waar geen eind aan lijkt te komen, je voelt je onzeker over verzorging, gezondheid, groei en welzijn van je kindje en kunt je niet voorstellen dat iemand kan vinden dat dit snel voorbij gaat.
Maar dan komt die dag waar je met gemengde gevoelens naar hebt uitgekeken. Een mijlpaal, maar tegelijkertijd ook een afscheid: De eerste verjaardag van je kindje.
En ineens besef je je dat ze gelijk hadden! Want, wat is er met dat jaar gebeurd? Je knipperde met je ogen en het was om! Het ene moment had je een klein roze wurmpje in je armen en het volgende moment haalde je een vrolijk lachende dreumes uit bed.
In een klap zijn alle gebroken nachten en onzekere gevoelens vergeten en lijkt het alsof je kind van de ene op de andere dag geen baby meer is.
Dat moment kwam voor ons afgelopen zaterdag. Fenna werd 1 jaar oud. Een blijde gebeurtenis maar ook een emotionele. We kochten cadeaus, ik bakte mijn allereerste marsepeinen stapeltaart, we versierden de kamer en vierden deze mijlpaal in een klein gezelschap. Een schitterend feest voor onze grote kleine meid.
En ondanks het zingen, vieren, smullen en lachen pinkte ik tóch een klein traantje weg.
Dag kleine baby, hallo lieve dreumes! Op naar de volgende 99 verjaardagen!
En voordat je het weet is er dat andere moment.
Dat moment waarop je jezelf tegen een zwangere vriendin hoort zeggen: “Geniet er maar van, het gaat zó snel voorbij”…

Mijn naam is Anne-Marie, ik ben 35 jaar, getrouwd met Roy en de trotse moeder van Fenna.
Ik werk 3 dagen per week als adviseur van de concernstaf van een ziekenhuis in de buurt van Haarlem en daarnaast heb ik een (kleine) webwinkel waar ik handgemaakte spullen voor baby en mama verkoop. Hoewel de webwinkel de laatste tijd een beetje op een laag pitje staat vind ik dat wel een ontzettend leuke aanvulling op mijn dagelijkse bezigheden.
Ik mag de komende drie maanden elke week een blog schrijven voor Kiind.nl! Een ontzettend leuke uitdaging die ik graag met beide handen aanpak.
In de omschrijving die ik bij de uitnodiging om te gaan bloggen kreeg stond onder meer: “Kiind wil onderwerpen die onbekend zijn over het voetlicht brengen, aanzetten tot denken en inspireren” .
Dat zinnetje alleen al zette mij aan tot denken. Want, kan ik dat? Wanneer ik blogs schrijf over mijn leven, inspireer ik dan de lezer? Geef ik ze stof tot nadenken?
Eén ding wist ik zeker: ik heb wel iets te vertellen wat niet zo bekend is. Iets wat gelukkig niet zoveel mensen overkomt.
Fenna is namelijk niet het eerste kindje wat we hebben gekregen. Ze heeft een broertje, ons eerste kindje David. Een broertje wat ruim 9 maanden in mijn buik heeft gezeten en toen toch is overleden vlak voordat hij geboren werd.
En dat hoor je gelukkig niet zo vaak, ondanks dat we in NL erg slecht scoren op het gebied van babysterfte. Exacte cijfers zijn niet te noemen, omdat de grens tussen een miskraam en een in de buik overleden baby niet hard is, maar naar schatting overlijden in Nederland 1300 – 1500 baby’s per jaar laat in de zwangerschap of vlak voor de geboorte.
Vaak wordt er geen oorzaak gevonden en spreekt men van wiegendood in de baarmoeder, bij gebrek aan een betere verklaring.
In ons geval was er waarschijnlijk sprake van zwangerschapsdiabetes die nooit is opgemerkt omdat ik geen symptomen had. Maar de oorzaak doet er niet toe. We hebben David niet mogen houden en krijgen hem nooit meer terug. Dat is heel erg triest en dat kruis dragen we ons leven lang met ons mee.
Toch zijn we gelukkig. Juist door het verlies van David zagen we hoe goed we het verder hadden. Met elkaar en onze goede relatie, onze familie en vrienden, ons leuke huis en goede baan. En nu met Fenna, ons zonnestraaltje.
Dat is mijn verhaal. En de komende weken volgen er meer. Ik heb er zin in!