Aan alles komt een eind, zo ook aan luiers en bedplassen. Zoon is zo sinds zijn bijna derde overdag zindelijk. Opeens wilde hij geen luier meer om, en wilde hij op de ‘zeezee’. Dat ging ook meteen goed, op een klein ongelukje af en toe na, logisch. Het verhaal voor ’s nachts verliep wat anders.
Zoon slaapt als een blok, kanonnen kun je afschieten, met oud en nieuw slaapt hij zelfs door de 300.000-knallers heen, dus ook door plassen. Dus, dat deed hij gewoon in zijn luier. Op een gegeven moment, ik denk zo’n twee maanden geleden wilde hij ’s nachts geen luier meer om. Maar ja, ik dacht, hij is nog nooit droog geweest ’s morgens, dus waarom zou hij dat nu opeens wel zijn. Dat was hij dus ook niet… dikke tranen als zijn bed weer nat was (en dat gebeurde zo’n drie keer per nacht, dus wij waren ook niet echt blij). De buren hadden hun jongste getraind met een plasluier, die zoon ‘pieponderbroek’ noemt. Dus, wij dat geprobeerd. Zodra er een druppel in zijn onderbroek kwam, ging het alarm loeien, echt niet normaal. Maar zoon hoorde niets. Die sliep gewoon door. Hij stopte trouwens wel meteen met plassen, dus het hielp wel. Maar goed, wij moesten er steeds uit (lees: mijn lief, want ik slaap als ontaarde moeder overal doorheen, ik hoor nooit wat). Niet blij.
Nu was het zo dat zoon als sinds jaar en dag met een speen slaapt: zijn steun en toeverlaat. Maar, door die speen sliep hij ook heel diep. Toen zoon vier werd is de spenenfee gekomen om de speen weg te toveren, en na twee dagen had hij elke avond voor het slapen gaan veertig graden koorts (alleen ’s avonds). Na drie nachten vond ik het mooi geweest, en kwam de speen weer terug. En de koorts was ook meteen verdwenen. Ik vond dat toch wat dubieus, dus belde de dokter. Die zei, het klinkt misschien wat raar, maar hij had last van afkickverschijnselen. “Van een speen?!”. “Ja, van een speen”. Wat angstig voor herhaling hadden we zoon een cadeau beloofd als hij zeven nachten zonder speen had geslapen. En ook een cadeau als hij zeven nachten zonder piepende onderbroek had geslapen. Hij mocht de cadeaus van tevoren uitkiezen. Zeven dagen later was zoon speenloos, zonder afkickverschijnselen deze keer. Gelukkig maar (hij vraagt er nog elke avond om, maar snapt ook dat de speen nu weg is en niet meer terugkomt).
Sinds de speen weg is, gaat het ’s nachts doorslapen zonder bedplassen ook heel goed. Hij slaapt wel minder diep, en is ook weer heel vroeg wakker, maar je kunt niet alles hebben. Ik ben trots op hem. Binnen de kortste keren had zoon twee mooie cadeaus, waar hij helemaal blij mee is. We overwegen nu dezelfde truc voor zelf eten, dat doet hij nog steeds niet. Maar, dan in januari. Nu eerst genieten van het Sinterklaasfeest en daarna Kerst.